Extern nieuws
Op deze pagina zullen we u op de hoogte houden van de ontwikkelingen opgediept in externe bronnen.
De teksten en/of meningen weergegeven worden niet perse door BuyWorld onderschreven.
11 februari 2009 - FD
Jorinde Schrijver
Nederlander neemt te veel plek in
Nederland moet meer doen om de snelle afname van planten- en diersoorten tegen te gaan. Van de oorspronkelijke levensvormen in Nederland is al ruim 85% verloren, en die trend zet zich versneld voort.
Dat is een van de opvallendste waarschuwingen uit de eerste Monitor Duurzaam Nederland van het Centraal Bureau voor de Statistiek, het Sociaal en Cultureel Planbureau en het Centraal Planbureau.
In een lijvige studie hebben de Planbureaus geprobeerd gezamenlijk uiteen te zetten hoe in Nederland de uitruil tussen natuurlijk, sociaal en economisch kapitaal plaatsvindt. Niet opmerkelijk is de conclusie dat de teller vaak negatief uitkomt voor de natuur of sociale ontwikkeling, en dat moet in de toekomst anders, aldus de opstellers.
Biodiversiteit, ook omschreven als ‘kritisch natuurlijk kapitaal', is in het gedrang, benadrukken de planbureaus. Op de wereldschaal is ongeveer 70% van de oorspronkelijke levensvormen over, in Europa is dit nog minder dan 50% en in Nederland minder dan 15% (gemeten aan de hand van de zogenaamde Mean Species Abundance Indicator).
De biodiversiteit neemt af omdat de mens steeds meer ruimte nodig heeft om voedsel te verbouwen, infrastructuur aan te leggen en steden te bouwen, zo staat in de studie. De ruimte die Nederlanders hiermee innemen, is ongeveer drie keer het daadwerkelijke landoppervlak van Nederland.
Om het uitdijende ruimtebeslag e en halt toe te roepen moet het kabinet vaart maken met onder andere het aanleggen van grootschalige natuurgebieden, de reductie van de uitstoot van stikstof en het terugdringen van de vleesconsumptie.
Minister Bert Koenders voor Ontwikkelingssamenwerking erkende maandag dat er 'forse politieke keuzes' gemaakt moeten worden. Koenders: 'Het is erg lastig om ten tijde van crisis voor dit onderwerp te kiezen, wetende dat het ten koste gaat van economische welvaart. Maar laat dat nu juist de politieke uitdaging zijn.'
De suggestie van de planbureaus om net als voor klimaatverandering - het Intergovernmental Panel on Climate Change (IPCC) - een stevige wetenschappelijke denktank op te zetten voor biodiversiteit juicht de minister toe.
'Normaal gesproken ben ik niet zo’n voorstander van nieuwe instituten, maar het zou goed zijn om biodiversiteit geïntegreerd aan te pakken', aldus Koenders.
Volgens de minister wordt er al tijden 'met een zekere overmoed' naar klimaatverandering en biodiversiteitverlies gekeken. ‘Wij moeten explicieter maken dat er wel degelijk een forse prijs aan beide verbonden zijn. Bij uitblijvend beleid zal dat onze economische welvaart op termijn flink aantasten', aldus de bewindsman.
Koenders nam dinsdag samen met milieuminister Jacqueline Cramer de Monitor in ontvangst.
2 januari 2009 - NRC
Koraalrif Australië groeit langzamer
In de afgelopen vier eeuwen groeide het koraal van het rif niet eerder zo traag, maten zij.
Het wetenschappelijke tijdschrift Science publiceerde de conclusies vandaag. Het tweeduizend kilometer lange Groot Barrièrerif ten noordoosten van Australië is het grootste rifgebied ter wereld, met vierhonderd koraalsoorten.
De Australische onderzoekers opperen voor de vertraagde groei twee oorzaken, die beide met klimaatverandering samenhangen. Ten eerste kan de toename van CO2 in de atmosfeer de oceanen verzuren, doordat meer CO2 in zee oplost. In een zuurdere zee groeien koralen en andere kalkhoudende organismen langzamer vanwege de chemische omstandigheden. De invloedrijke internationale klimaatcommissie IPCC waarschuwde al voor deze oceaanverzuring.
Daarnaast reageren koralen mogelijk slecht op periodes met zeer warm weer, zoals die de afgelopen twintig jaar vaker voorkwamen.
De onderzoekers maten de groeisnelheid van 328 kolonies van het koraal Porites via zijn jaarringen. Tussen 1990 en 2005 nam de groeisnelheid af van 1,43 centimeter per jaar tot 1,24 centimeter per jaar. Metingen aan tien oudere kolonies suggereren dat het koraal niet eerder zo traag groeide.
29 augstus 2008 - ANP
Rondje noordpool varen nu mogelijk
Voor het eerst is het mogelijk om rond de Noordpool te varen. Er is zoveel ijs gesmolten dat zowel de noordwestelijke doorvaart boven Canada als de noordoostelijke route boven Rusland en Finland bevaarbaar is.
Dat meldt de Britse krant The Independent on Sunday op basis van satellietbeelden die door wetenschappers zijn geanalyseerd. Volgens een Amerikaanse drijfijsdeskundige is er sprake van een historische gebeurtenis.
Als de passages langs de Noordpool langdurig ijsvrij blijven, ontstaat er voor schepen een kortere route van de Atlantische naar de Stille Oceaan.
27 mei 2008 - NRC Hanselsblad
Biodiversiteit zal nog lang afnemen
De biodiversiteit in het net van Ben Brugge laat weinig te wensen over. Een paar keer zwaaien door het riet in de Kennemer Duinen levert een keur aan insecten op; van slakkendodervlieg tot kroosmotje. Via een buisje met daaraan twee slangetjes zuigt Brugge de insecten uit het net en stopt ze in een glazen buisje. De collectiebeheerder gaat ze in het Zoölogisch Museum van de Universiteit van Amsterdam nader bestuderen.
De duinen boven Zandvoort bewijzen de positieve invloed die natuurbescherming op de biodiversiteit kan hebben. Nadat waterleidingbedrijf PWN er stopte met het winnen van drinkwater, nam de verdroging af en keerden zeldzame planten en dieren er, geholpen door natuurbeschermers, terug. Maar de Kennemer Duinen vormen een uitzondering. Ze maken onderdeel uit van Natura 2000, een Europees netwerk van beschermde natuurgebieden dat is opgezet om de teruggang in de biodiversiteit per 2010 te stoppen. In een vorige week gepubliceerd rapport schrijft het Planbureau voor de Leefomgeving dat dit, alle inspanningen ten spijt, niet gaat lukken.
„Totaal gespeend van iedere realiteitszin”, zegt insectendeskundige Herman de Jong in strandpaviljoen Parnassia over de EU-doelstelling. Op deze regenachtige middag bereiden docenten en universiteitsmedewerkers in de duinen een veldcursus biodiversiteit voor biologiestudenten voor. De Jong verwijst naar het doel dat Europese regeringsleiders zich in 2001 in het Zweedse Gotenborg stelden. „Iedere specialist heeft daar hard om gelachen”, zegt Gerard Oostermeijer, universitair docent populatiebiologie. „Dat is niet meer dan een politieke gimmick geweest. Zo van, dat gaan we wel even doen. Ze weten niet waar ze het over hebben.”
De werkelijkheid is dat alleen de snelheid afneemt waarmee planten en dieren uit Nederland verdwijnen, maar dat het nog minstens decennia duurt voordat dit proces is gestopt. En dat lukt volgens het planbureau alleen als er extra wordt geïnvesteerd in het vergroten en aaneenrijgen van natuurgebieden. Iets wat in het steeds dichterbevolkte Nederland onwaarschijnlijk is. Het beeld in diverse andere EU-landen is volgens het planbureau hetzelfde. Overal wordt het landschap eenvormiger, waardoor soorten die afhankelijk zijn van specifieke typen begroeiing en bodems sterk in aantallen teruglopen. „De boerenzwaluw bijvoorbeeld heeft modder nodig om een nest van te bouwen. Doordat we alles asfalteren krijgt hij het steeds moeilijker. Zo is er voor iedere kwetsbare soort wel een reden te geven waardoor het slechter gaat”, aldus hoogleraar biodiversiteit Wim van der Putten.
De woordvoerder van eurocommissaris Dimas (Milieu) erkent dat het „heel, heel erg lastig” zal worden om de teruggang in biodiversiteit per 2010 te stoppen. Dat het onmogelijk is ontkent ze. „Het is aan de lidstaten om het doel te halen. De Europese Commissie ziet toe op de bescherming van de Europese natuurgebieden, maar het meeste werk moeten de EU-landen zelf doen”, zegt ze vanuit het Duitse Bonn, waar deze week een conferentie van de Verenigde Naties over biodiversiteit plaatsvindt.
Waar diverse inheemse soorten het steeds moeilijker krijgen, grijpen ‘migranten’ hun kans. Vele slagen erin om mede onder invloed van klimaatverandering vanuit het zuiden noordwaarts te migreren.
Dat veranderingen in biodiversiteit onder invloed van klimaatverandering grote gevolgen kunnen hebben, staat voor hoogleraar Van der Putten vast: „Kijk naar de paardenkastanjemineermot. Die komt over uit Zuid-Europa en heeft hier geen natuurlijke vijanden. Deze mot is er de oorzaak van dat kastanjebomen al in augustus bruine bladeren hebben. Als er dan nog iets overheen komt, dan zijn die bomen gewoon weg.”
In de Kennemer Duinen bewijst de roodborsttapuit dat alle natuurbeschermingsmaatregelen ook wel degelijk effect hebben. „Hoor je ’m”, zegt vogelspecialist Ronald Sluijs. In een boomtop is het silhouet van de vogel met rode borst en zwarte kop te ontwaren. Sluijs: „Daarvan zijn er nu veel meer dan dertig jaar geleden.”
Wel erg, of helemaal niet?
Filosoof Bas Haring heeft weinig moeite met de afname van de biodiversiteit. „Ik vind het net zo treurig als het feit dat stenen naar beneden vallen”, zegt hij. „Het hoort erbij.” Haring meent dat het vooral om esthetische redenen is dat mensen veel dieren en planten willen behouden. „Echt nodig is het niet.”
Hoogleraar biodiversiteit Wim van der Putten waarschuwt echter dat we ook te ver kunnen gaan. „Ziekten en plagen vormen een steeds grotere bedreiging als de natuurlijke vijanden verdwijnen van organismen die ze overbrengen”, aldus Van der Putten.
15 mei 2008 - NRC Handelsblad
VS maken van de ijsbeer een bedreigd dier
De nieuwe status van de ijsbeer levert ook geen restricties op voor olie- en gasboringen in Alaska.
De Amerikaanse minister van Binnenlandse Zaken Dirk Kempthorne, die de beslissing gisteren bekend maakte, liet meteen weten dat het „zeker niet de bedoeling was” om de nieuwe status van de ijsbeer te gebruiken als argument voor nieuwe klimaatwetgeving. Natuurbeschermingsorganisaties procederen al sinds 2005 voor bescherming van de ijsbeer; uiterlijk vandaag moest de regering, nadat de beslissing meermalen was uitgesteld, uitspraak doen.
Nu de ijsbeer de bedreigde status heeft, gelden er enkele nieuwe beperkingen: zo mogen er geen ijsbeervellen worden geïmporteerd uit Canada. De ijsbeerjacht is al sinds 1972 verboden, behalve voor Inuït. Het Ministerie van Binnenlandse Zaken liet bij de beslissing echter ruimte voor olie- en gasboringen in Alaska. Volgens Kempthorne wordt de olie-industrie in het gebied al voldoende ingeperkt door wetgeving die zeezoogdieren moet beschermen.
Kempthorne verwees in zijn presentatie naar wetenschappelijke klimaatmodellen, die voorspellen dat het zeeijs in het noordpoolgebied in de toekomst verder zal smelten. Sommige modellen voorspellen dat het noordpoolgebied al in de zomer van 2013 ijsvrij kan zijn. IJsberen gebruiken ijsvlaktes als jachtgebied. Kempthorne: „Gezien de wetenschappelijke inzichten en de beperkingen van de inflexibele wet is dit de enige mogelijke beslissing.”
Drie milieuorganisaties, waaronder Greenpeace, spanden in 2005 een rechtszaak aan om de ijsbeer op de lijst van bedreigde diersoorten te krijgen. Een van de organisaties, het Center for Biological Diversity, wilde op deze manier klimaatwetgeving afdwingen, zoals een verbod op nieuwe kolencentrales. Volgens de regering schrijft de wet op de dierenbescherming dit niet voor.
De meeste ijsberen leven in Canada. Daar heeft de ijsbeer geen beschermde status. Het land is niet van plan daar verandering in te brengen, liet de de Canadese minister van Milieu gisteren weten.
9 april 2008 - Stentor
Wolf is welkom in de Oostvaardersplassen
Ecoloog Frans Vera van Staatsbosbeheer verwacht niet dat er op korte termijn wolven, wilde zwijnen en wisenten in de Oostvaardersplassen bij Lelystad worden losgelaten. Zou wel mooi zijn als het kon, wat hem betreft. In elk geval: ecologisch gezien is het volgens hem in elk geval geen probleem.
Staatsbosbeheer ontvouwde gisteren in de Oostvaardersplassen haar plannen voor de komende jaren. Met als duidelijke boodschap: Staatsbosbeheer laat het natuurgebied tussen Lelystad en Almere nóg meer zijn eigen gang gaan.
Dat die wolf er voorlopig niet lijkt te komen, ligt vooral aan de mens.
"Het zit tussen onze oren", zegt Vera. De wolf kampt namelijk met een imagoprobleem, mede door verhalen als Roodkapje en de boze wolf. Maar wat Vera betreft hoort dit dier thuis in de Oostvaardersplassen om de natuur zo divers mogelijk te houden. Zwakke dieren worden dan op een natuurlijke manier uit hun lijden verlost en niet meer door een kogel van de boswachter.
Een paar jaar geleden verwierp Staatsbosbeheer nog het idee van de Milieuraad Almere om een roedel wolven in dit gebied los te laten. Boswachter Hans Breeveld reageert laconiek op dat saillante detail. Volgens hem werd daar toen in de gauwigheid op gereageerd en is het idee nu beter onderzocht.
Naast de wolf passen wilde zwijnen ook prima in het toekomstplaatje van het natuurgebied bij Lelystad. "Dat zijn de tuinmannen van de natuur." Doordat ze alles kaal grazen, ontstaan er 'ontzettend veel' kiemomstandigheden voor nieuwe bloemen en planten.
Als het aan Vera ligt, worden de wilde dieren morgen al losgelaten. Maar de boswachter verwacht ze pas te zien als de Oostvaardersplassen is verbonden met het Oostvaarderswold en Horsterwold. Er ontstaat dan namelijk een ecologische verbinding met de Veluwe. Waar zwijnen gebruik van kunnen maken.
29 maart 2008 - NRC Handelsblad
Vis dreigt snel uit oceaan te verdwijnen
De vis in de oceanen verdwijnt veel sneller dan tot dusver werd aangenomen. Als er niet snel drastische maatregelen worden genomen, zwemmen er binnenkort alleen nog kwallen en plankton in zee. Dat zegt de Frans-Canadese visserijbioloog Daniel Pauly, die eerder deze maand een eredoctoraat kreeg van de Wageningen Universiteit. Pauly bestudeerde kritisch de wereldwijde visvangstcijfers die de voedsel- en landbouworganisatie van de Verenigde Naties, de FAO, jaarlijks publiceert en ontdekte een verborgen daling. Te hoge rapportage van China en sterk schommelende ansjovisvangsten, maskeerden het feit dat de mondiale visvangst vanaf eind jaren tachtig jaarlijks met 0,4 miljoen ton daalt. „Niet omdat er minder gevist wordt, integendeel, maar omdat de vis steeds schaarser wordt.”
Het zijn de voortekenen van het instorten van de visserij op wereldschaal, waarschuwt Pauly. Het is alarmerend dat er ondanks een toegenomen visserij-inspanning een mondiale trend bestaat van afnemende vangsten. Dat betekent dat visbestanden overal ter wereld zijn overbevist.
Consumenten hebben hiervan nog weinig gemerkt omdat vissers zijn uitgeweken naar andere soorten of andere gebieden. Vijftig procent van de vis wordt geconsumeerd op een ander continent dan waar het gevangen is, heeft Pauly berekend. De markt blijft zo voorzien, maar het is allesbehalve duurzaam. Volgens Pauly heeft de visserij de laatste grens bereikt: „Ze kan niet verder uitbreiden.”
Alleen radicale maatregelen kunnen nog soelaas bieden, zegt de bioloog. De visserijsubsidies zouden moeten worden afgeschaft en het visserijbeleid moet overschakelen van een soortgerichte op een ecologische benadering. Ook moet ten minste 20 procent van de wereldzeeën tot beschermde mariene zone verklaard worden waarbinnen niet mag worden gevist. „Alleen dan kunnen vispopulaties zich herstellen en kunnen we duurzaam oogsten uit zee.”
23 maart 2008 - ANP / BuyWorld
Managementgoeroe Wintzen overleden
Ondernemer en managementgoeroe Eckart Wintzen (68) is aan een hartstilstand overleden. Hij was de oprichter van het automatiseringsbedrijf BSO, dat hij in 1996 verkocht aan Philips.
Wintzen werd vooral bekend als bedenker van de celfilosofie, een managementstijl waarbij een bedrijf dat groeit steeds wordt opgedeeld in kleine eenheden. Idee erachter is dat mensen beter werken als ze meer verantwoordelijkheid hebben en als ze werken met mensen die ze kennen.
Wintzen werd tevens bekend door als eersten Europees bedrijf een milieuparagraaf aan het jaarverslag van een onderneming toe te voegen en compenserende maatregelen af te kondigen voor de negatieve gevolgen die zijn onderneming op natuur en milieu had.
De afgelopen jaren investeerde Wintzen in groene, duurzame projecten. Hij stak onder meer geld in Greenwheels, waarbij mensen gezamenlijk auto's gebruiken
18 maart 2008 - NRC Handelsblad
Wisent uitgezet in duinen
Twee oudere vrouwtjes en een kalfje zijn het afgelopen etmaal uit Polen naar Nederland vervoerd, om zich te voegen bij een vorig jaar al uitgezette stier en twee jonge vrouwtjes. Het uitzetten is een experiment dat vijf jaar zal duren. Als de proef slaagt, kan een groep wisenten worden uitgezet in een groter gebied, vermoedelijk de Veluwe of Flevoland. 
Onderzoekers van de universiteiten in Groningen en Nijmegen volgen het experiment. Ze doen ervaring op bij het beheer van het gebied. Ecologen bestuderen het gedrag van de wisenten en het effect van de dieren op het duingebied. De met zenders uitgeruste wisenten hebben zich de afgelopen tien maanden snel aangepast, vertelt onderzoekscoördinator Joris Cromsigt. In Nederland worden de dieren anders dan in Polen niet bijgevoerd, en hebben ze volgens Cromsigt geleerd om in de wintermaanden relatief veel tijd te besteden aan foerageren, en minder aan rusten en sociaal gedrag. De dieren vertonen geen agressie jegens mensen. „Ze trekken zich rustig terug als mensen te dichtbij komen”, aldus Cromsigt. Ook blijken de wisenten, die in Polen veelal in bossen leven, in het afwisselende duingebied Het Kraansvlak vaak natte graslanden op te zoeken om te foerageren.
18 maart 2008 - NRC Handelsblad
Gletsjerijs smelt sneller dan verwacht
Wereldwijd is het ijsverlies van gletsjers in een versnelling geraakt. Nooit eerder sinds het begin van de waarnemingen rond 1970 ging zoveel ijs verloren als in het jaar 2006.
Dat concludeert de World Glacier Monitoring Service (WGMS) na een eerste analyse van metingen aan 80 gletsjers verspreid over de hele wereld. De WGMS verzamelt gegevens van ruim 300 gletsjers, toetst die op kwaliteit en statistische betekenis en brengt ze bijeen in een databank. Gletsjers behoren tot de beste graadmeters voor de toestand van het klimaat. 
Vooral de gletsjers van de Alpen hebben veel ijs verloren. De enige gletsjer in de Pyreneeën had een record ijsverlies. Wilfried Haerberli, directeur van de WGMS, beschrijft de ontwikkelingen als een versnelling waarvan het eind nog niet in zicht is. De WGMS in Zürich verzamelt al sinds 1986 van zoveel mogelijk gletsjers de gegevens waaruit valt te berekenen hoeveel netto ijs ze ophopen of kwijt raken.
Deels wordt gebruik gemaakt van hoogtemetingen uit vliegtuigen en satellieten. Het meeste onderzoek wordt door glaciologen ter plekke verricht waardoor een niet volstrekt representatief beeld kan ontstaan. Van oudsher gaat de meeste aandacht naar de makkelijkst toegankelijke gletsjers.
Er zijn twee maten voor de ijstoestand van een gletsjers. Van een 170-tal gletsjers bestaan lange reeksen waarnemingen aan de lengte. Het gletsjerfront is vaak gefotografeerd, getekend of op schilderijen vereeuwigd, soms al rond 1600. De Nederlandse onderzoeker Hans Oerlemans heeft deze waarnemingen verzameld en kritische beoordeeld. Ruwweg valt te concluderen dat veel gletsjers na 1820 korter worden. Tegen 1900 raakt die verkorting in een versnelling. Maar regionaal trad of treedt ook stabilisatie op.
Recenter is het onderzoek aan de massabalans van gletsjers waarvoor representatieve hoogtemetingen aan het gletsjeroppervlak nodig zijn. Gletsjers winnen aan ijs door sneeuwval en verliezen ijs door smelten (en aan zee door afkalven). Stijgende luchttemperatuur bevordert zowel de sneeuwval als het smelten zodat de balans niet voorspelbaar is. Het moeizame werk aan de massabalans van gletsjers, waaruit ook het effect op de zeespiegel kan worden berekend, levert pas sinds ongeveer 1965 bruikbare getallen op. Daaruit is door het IPCC in zijn laatste rapport de conclusie getrokken dat de meeste gletsjers rond 1970 ‘in balans’ waren of zelfs ijs ophoopten. Daarna is het snel bergafwaarts gegaan. Vooral rond Alaska en Patagonië verliezen gletsjers veel ijs. De balans voor Europa is niet ongunstig. Het enorme verlies in de Apen wordt overigens gecompenseerd door ijsaangroei in Scandinavië.
13 januari 2008 - ANP
Groot bouwproject in Duna Dourada
Het Spaanse concern Grupo Sanchez wil de volgende tien jaar een toeristencomplex uitbouwen in het Braziliaanse natuurgebied Duna Dourada. Het gaat om een recreatie- en vakantieoord met 35.000 huizen. Met het project is een investering gemoeid van ongeveer 2,6 miljoen euro. Het ministerie van openbare werken van de Braziliaanse deelstaat Rio Grande do Norte vreest echter voor zware milieugevolgen.
Het project wordt gesteund door de Spaanse filmster Antonio Banderas en de Braziliaanse voetballer Ronaldo. Op het terrein van 2.200 hectare niet alleen 35.000 woningen, maar onder meer ook golfbanen, zwembaden en een voetbalschool van Ronaldo komen. De Braziliaanse regering heeft zijn goedkeuring al gegeven. Het officiële startsein werd gegeven door de Braziliaanse president Lula da Silva, Banderas en diens echtgenote Melanie Griffith.
Het ministerie van openbare werken van de Braziliaanse deelstaat Rio Grande do Norte slaat echter alarm. Er wordt opgemerkt dat het project een zeer grote bedreiging dreigt te worden voor de flora en fauna van het natuurgebied Duna Dourada. Volgens de Braziliaanse overheid zal het project echter ruim honderdduizend banen opleveren, vooral in de horeca-sector en de bouwindustrie.
21 november 2007 - Financieel dagblad
Randstad rukt steeds verder op naar de Veluwe
De Randstad schuift op naar de Veluwe. De belangstelling vanuit het westen voor woningen en bedrijfslocaties groeit.
De toenemende populariteit van de Veluwe zorgt voor problemen en conflicterende belangen. Hier ligt het grootste aaneengesloten natuurgebied van West-Europa en is de ruimte voor nieuwe bedrijventerreinen zeer beperkt. ‘Het begint een urgent probleem te worden’, zegt het Gelderse CDA-Statenlid John van Meteren, initiatiefnemer voor een debat over de oprukkende Randstad dat vandaag in het Dolfinarium in Harderwijk wordt gevoerd. ‘De Randstad raakt overvol en bedrijven zoeken een alternatief. We zagen de overloop van de Randstad eerder al optreden in het gebied rond Ede en Wageningen en ook in het Rivierenland. Maar de Veluwe is natuurlijk nog een stuk kwetsbaarder.’
Voor het provinciale bestuur van Gelderland leidt de druk op de Veluwe onder andere tot vragen over welke wegen moeten worden uitgebreid of doorgetrokken en welke regionale bedrijventerreinen mogen worden ontwikkeld.
Het groeiende economische belang van het Veluwegebied werd eerder dit jaar ook al opgemerkt in de Visie op Provinciale Dynamiek van de Rabobank. ‘Opvallend is de hoge waardering van regio’s ten oosten van de Randstad. Eemland, Zwolle, Veluwe en Twente overstijgen de landelijke groeiontwikkeling’, aldus het onderzoek.
Ook Annemieke Stallaert, regiomanager van VNO-NCW voor de Veluwe stelt dat het opschuiven van de randstad naar de Veluwe ‘absoluut aantoonbaar’ is. ‘We zien onder andere veel vermogende senioren die het jachtige leven in de Randstad beu zijn, het westen verruilen voor een mooi verbouwd boerderijtje in Nunspeet. Maar we horen ook van alle makelaars in de omgeving dat de aanvragen voor bedrijfspercelen momenteel binnenstromen. De Veluwe biedt niet alleen naar verhouding meer ruimte en minder bereikbaarheidsproblemen dan de Randstad, er is hier ook voldoende aanbod van personeel. Veel mensen voelen zich cultureel en religieus aan dit gebied verbonden.’
De economische toekomst van de Veluwe is al jaren onderwerp van discussie tussen VNO-NCW enerzijds, en overheden plus talloze bewonersverenigingen anderzijds. Stallaert: ‘Er zijn bijvoorbeeld door de inkrimping van Defensie de afgelopen jaren 23 kazernes op de Veluwe gesloten, waardoor er 800 hectare aan vrijwel ongerept gebied bij is gekomen, maar ook meer dan duizend banen zijn verdwenen. Er was een afspraak met overheden dat dit gecompenseerd zou worden door bij Nunspeet een bedrijventerrein tot ontwikkeling te brengen, maar die procedure sleept nu al vijftien jaar vanwege de aanwezigheid van een of ander vogeltje, waarvan me de naam nu even is ontschoten.’
De druk op de Veluwe zal volgens Stallaert en Van Meteren alleen maar verder toenemen als Lelystad Airport zal uitbreiden tot 14.000 vliegbewegingen per jaar en een aantrekkingskracht zal hebben voor bedrijven, ook bijvoorbeeld in het krap 25 kilometer verderop gelegen Harderwijk. ‘We staan voor een geweldig lastig probleem. De eerste symptomen van de confrontatie tussen economische ontwikkeling en behoud van natuurwaarden en rust zijn nu al zichtbaar’, aldus CDA’er Van Meteren. ‘De provincie zal het evenwicht moeten vinden.’
8 juni 2007 - Reformatorisch dagblad
’s Werelds eerste landschapsveiling in Ooijpolder
APELDOORN - Burgers en bedrijven kunnen op 15 september tijdens ’s werelds eerste landschapsveiling enkele hectare natuurgebied in de Ooijpolder bij Nijmegen kopen.
Met dit initiatief wil stichting ARK geld bijeenbrengen voor ontwikkeling van nieuwe natuur. Geïnteresseerden bieden op landschapselementen als een stuk weiland, een haag of een oever, zo liet de natuurbeheerder vrijdagmorgen weten. In totaal gaan bijna dertig kavels onder de hamer; die moeten tezamen ten minste 163.000 euro opbrengen. De kopers worden niet echt eigenaar van de grond. Dat blijven de betrokken boeren.
De natuurveiling fungeert als opmaat voor een reeks landelijke natuurveilingen. Zo wachten op 16 september in het Limburgse Margraten graften en grubben op de hoogste bieder. Daarna volgen nog meer stukken van bijzondere natuurgebieden elders in het land.
Doel van de veiling is het landschap ten minste tien jaar in goede staat te houden en in te richten als natuurverbindingen voor planten en dieren.
Het Wereld Natuur Fonds, dat de veiling financieel mogelijk maakt, wil dit concept, als het slaagt, ook elders in Europa toepassen.
5 juni 2007 - NRC Handelsblad
CI-expedities leiden tot natuurparken |
| Michiel van Nieuwstadt |
| Conservation International financiert expedities naar ongerepte natuurgebieden. Met het geld van rijke Amerikanen wordt ook de bescherming van deze gebieden gefinancierd. |
| Een tot dusver onbekend kikkertje met felpaars fluorescerende strepen haalde gisteren de wereldpers - ook deze krant. Het was weer zover: expedities in opdracht van natuurbeschermingsorganisatie Conservation International lijken welhaast garant te staan voor de ontdekking van aaibare of op zijn minst spectaculaire diersoorten. Begin 2006 traden wetenschappers naar buiten met de herontdekking van een zeldzame boomkangoeroe in het binnenland van Papoea. In september vorig jaar was er de epaulethaai die met zijn vinnen over de zeebodem loopt rond het Nieuw-Guineese schiereiland Vogelkop. De nieuwste trofee van Conservation International, de gestreepte kikker, is ontdekt in de bossen van het 500 tot 700 meter hoge Nassau-bergplateau in het oosten van Suriname. |
| Met rijke Amerikaanse financiers als Wal-Mart oprichter Rob Walton heeft Conservation International de middelen om wetenschappers op pad te sturen. Zo'n expeditie van 13 wetenschappers kost algauw ettelijke tienduizenden euros, zegt Olaf Bánki, een plantendeskundige van het Herbarium Utrecht die het gebied al meermalen heeft bezocht. Met de ontdekking van 24 nieuwe soorten in twee kortdurende expedities krijgt Conservation International opnieuw waar voor zijn geld. |
| Conservation International genereert niet alleen publiciteit voor de wetenschap, het werkt óók doelgericht aan natuurbehoud. We richten ons op een beperkt aantal bedreigde gebieden waarvan is aangetoond dat er een hoge diversiteit aan soorten is, zegt de woordvoerder Pieter Borkent. Het betreft 34 hotpots, in 1988 voor het eerst gedefinieerd door de Amerikaanse bioloog Norman Myers, plus een beperkt aantal uitzonderlijke, zeer grote en ongerepte natuurgebieden, waartoe ook het Surinaamse Amazonegebied behoort. |
| Feit is dat Conservation International enorme financiële middelen weet te genereren, zegt Pieter van der Gaag van de internationale natuurbeschermingsorganisatie IUCN. Ze hebben toegang tot mensen met geld, met name in Amerika. Dat geld hebben we nodig om kennis te vergaren over bedreigde gebieden. Bovendien zorgt Conservation International ervoor dat gebieden worden opgekocht en als natuurpark beheerd. |
| Eind vorige maand verklaarde de Indonesische minister van Mariene zaken Freddy Numberi 900.000 hectare aan wateren rond de Vogelkop tot beschermd gebied - een vrijplaats voor de mediagenieke schuifelende epaulethaai. Conservation International was ook de belangrijkste voortrekker bij de totstandkoming, in 1998, van het Centraal Suriname Natuur Reservaat, een park dat 15 procent van het Surinaams grondgebied beslaat. Dat staat buiten kijf, zegt Olaf Bánki. Hij merkt wel op dat andere gebieden waar de spanning tussen natuurbehoud en ontwikkeling zichtbaar is in Suriname minstens zo belangrijk zijn als de bescherming van het grondgebied in het park. |
| Ook de wetenschappelijke expeditie naar de hooglanden in Suriname dient een concreet doel. Het zal juridisch wel niet mogelijk zijn om in deze hooglanden een beschermd natuurgebied te realiseren, zegt Olaf Bánki. De lokale mijnbouwbedrijven zullen zich de plaatselijke concessies voor de bauxietwinning waarschijnlijk willen behouden. Wel is het de bedoeling ervoor te zorgen dat deze bedrijven voorlopig afzien van mijnbouw in deze gebieden die uitzonderlijke ecosystemen herbergen, maar ook belangrijke bronnen van schoon water zijn. |
| Bánki vermoedt dat de betrokken mijnbouwbedrijven, BHP Billiton en Suralco, zullen besluiten elders in Suriname concessies te gaan exploiteren, áls zij voorlopig afzien van de mijnbouw op de plateaus van Nassau, Lely en de Brownsberg. Er zijn plannen om in het West-Surinaamse Bakhuisgebergte een groot stuwmeer aan te leggen, zegt hij. |
1 mei 2007 - NRC Handelsblad
VN proberen bos te redden met geld van Bill Gates.
Nederlandse onderhandelaars op Bossenforum van VN bereiken akkoord over meer bossen en minder ontbossing.
Nederland heeft een diplomatiek succes geboekt in de strijd tegen mondiale ontbossing. Voortaan kunnen daarbij, samen met publiek geld, ook private middelen worden ingezet.
Nederlandse ambtenaren hebben in New York een “klein feestje”gevierd. Na 15 jaar onderhandelen werd afgelopen weekeneinde onder hun voorzitterschap een internationaal akkoord bereikt over duurzaam bosbeheer. Het resultaat werd behaald tijdens het 7e Bossenforum van de Verenigde Naties, het United nations Forum on forests, onder voorzitterschap van directeur internationale zaken Hans Hoogeveen van het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit. Hoogeveen: “We hebben het afgelopen jaar met stille diplomatie, veel reizen en hard werken de conferentie voorbereid. Dan is dit een mooi resultaat.
Wat levert het akkoord op?
Er wordt jaarlijks 13 milj. hectare bos gekapt. Dat gebeurt vooral in landen als Brazilië en Indonesië en in Arikaanse landen als Gabon. Er is nu internationaal overeenstemming over 4 doelstellingen. De ontbossing moet de komende jaren worden tegengegaan. De leefomgeving van mensen die van de boskap afhankelijk zijn moet verbeteren. Er moeten meer beschermde bosgebieden komen. Maar het belangrijkste is dat er nu meer geld beschikbaar komt voor ontwikkelingslanden.
Waarom heeft dit akkoord zo lang op zich laten wachten?
“We hebben gebruik gemaakt van de toegenomen aandacht voor voor het milieu. We hebben onderzoek laten doen naar een financieel instrument, waarmee niet alleen publieke maar ook private gelden kunnen worden gebruikt. De afgelopen jaren willen steeds meer multinationals steun geven aan duurzaamheidsprogramma’s. Bovendienzijn er veel particuliere initiatieven, in de Verenigde Staten en in het Midden-Oosten. Denk aan initiatieven van Bill Gates en Bill Clinton. Er is nu een instrument ontwikkled waarmee vermoedelijk de wereldbank gaat uitwerken hoe je deze publieke en private middelen kunt samenbrengen. Nederland en de Verenigde Staten zullen daarbij de komende anderhalf jaar het voortouw nemen.
Hoeveel geld komt er beschikbaar?
“Daar kan ik geen uitspraak over doen, maar het gaat zeker om honderden miljoenen."
Wat was het grootste knelpunt bij de onderhandelingen?
“Tot op het allerlaatste moment was er een aarzeling bij de donorlanden. Zij waren bang dat er toch extra druk komt op hun publieke gelden voor ontwikkelingshulp door de inzet van private gelden. Wordt er niet ook bij ons aan het belletje getrokken? Ook lag er de eis dat het geld doelmatig wordt besteed en dat er geen fraude en corruptie in het spel komt.”
Waar is het geld voor nodig?
“De houtafhankelijke landen gaan nationale programma’s uitwerken. Veel bossen worden gekapt om er landbouwgrond van te maken. Met het geld kan een omslag worden bereikt. Gekapte bossen worden opnieuw beplant. En er kan kennis worden overgedragen over hoe je bestaande landbouwgronden beter kunt benutten”.
Er zijn al veel intiatieven om de bossen te redden, het FSC keurmerk bijvoorbeeld. Wat voegt dit verdrag daaraan toe?
“De afspraken zijn veelal versnipperd. Met dit verdrag is coördinatie mogelijk. Landen kunnen door de bundeling van acties van elkaar leren. Bovendien kunnen we de voortgang beter gaan meten.”
23 december 2004 - NRC Handelsblad (Piet Borst)
Blijft er nog iets over voor onze kleinkinderen? Ik wil uw kerstviering niet bederven, maar de feiten zijn ontmoedigend. De mensheid verbruikt nu ongeveer de helft van alles wat eetbaar en bruikbaar is op aarde. Zo'n 40% van al het plantaardig materiaal dat geproduceerd wordt gebruiken wij als voedsel of vezel (hout, papier). We gooien een hoop weg van die 40% en dat zou zeker zuiniger kunnen, maar het is nu wel 40%. Van de oceanen is 90% nauwelijks bruikbaar voor voedselproductie, omdat het diepe zee is met een beperkt voedselgehalte. Daar valt weinig te halen, ook in de toekomst. Van de resterende 10%, de kustwateren, verbruiken we al dertig tot vijftig procent van de visopbrengst. Naar schatting eindigt de helft van ieder voedseldeeltje in de oceanen van de wereld in vis die door de mens wordt gegeten of verbruikt. Zestig procent van alle makkelijk toegankelijke zoetwater wordt al door mensen gebruikt. Zoals John Lawton het formuleert in zijn Japan Prijs lezing (Notes and Records of the Royal Society, september 2004, p.321): Het aardse paradijs is nog maar half zo groot als toen de mens ontstond op aarde. Als het een beetje tegen zit, verdubbelt het aantal mensen op aarde in de komende 25 jaar. Dan is het op.
Misschien duurt het niet eens 25 jaar, want de Chinezen en Indiërs willen net zo plezierig en verkwistend gaan leven als wij. Die hebben ook kleinkinderen en die gaan een toenemend deel van de grondstoffen in de wereld opeisen. De recente stijging van de olie- en staalprijzen geeft daarvan een voorproefje. Als iedereen een SUV wil, zo'n mallotig grote bak met 4-wiel aandrijving, - en waarom zouden mensen in Laren daar meer recht op hebben dan mensen in Darfur of in Bangladesh? - dan zal er niet veel natuur overblijven. De mens heeft al zo'n 50% van de ongerepte natuur vervangen door boerderijen, steden, wegen, stuwmeren en fabrieken en van de resterende 50% verdwijnt ongeveer 1% per jaar. Biodiversiteit wordt iets voor dierentuinen, de hortus, en tv-programma's uit het verleden.
Door de controversen over de opwarmende aarde is het nijpender probleem van de oprakende aarde een beetje op de achtergrond geraakt. Groen vecht voor het Kyoto-protocol. Als iedereen dat nu maar ratificeert, komt het goed. Bruin, gesteund door sommige serieuze wetenschappers, vindt dat het meevalt met de opwarming en dat wij geen welvaart voor CO2-uitstoot rechten moeten verkwanselen. Opwarming is echter een miniprobleem vergeleken met de rampen die ons op korte termijn zullen treffen als de wereldbevolking verdubbelt en het bruto nationaal product van China en India met 8% per jaar blijft groeien. Wie niet gelooft dat dit dramatische problemen gaat opleveren, leze het meesterlijke boek van Stuart Pimm: The World according to Pimm (McGraw-Hill, 2001), een geestig, leesbaar overzicht van wat er opraakt en waarom.
Pimm weet de dorre feiten te larderen met aardige anekdotes, ontleend aan zijn reizen als veldbioloog en aan de congressen die hij bijwoont als hoogleraar.
Pimm overlegt frappante gegevens: Wie had zich gerealiseerd dat de wereldwijde beroepsvisserij in 1989 al een verlies leed van 54 miljard dollar op een totale vangstwaarde van 70 miljard? Hoe kan een activiteit die zoveel verlies oplevert, doordraaien? Met overheidssubsidies natuurlijk. Vissers zijn moeilijk tot een ander beroep te krijgen en met hun, zwaar gesubsidieerde, trawlers kunnen ze de havens blokkeren, waar machtige politici hun jachten hebben liggen. Zo blijft overbevissing in stand.
Nijpender dan het olietekort, dat inmiddels tot twee Irak-oorlogen heeft geleid, is het zoetwatertekort. Ook daarvan geeft Pimm beklemmende voorbeelden. De Colorado-rivier, die schitterend door het westen van Noord-Amerika meandert, wordt zo systematisch afgetapt om de tuinen in Californië te sproeien dat er niets meer over is als de rivier Mexico bereikt. De boten van de vissers, die eens hun brood verdienden met de opbrengst van de rivier, liggen op de droge bedding te vergaan. Oorlog komt daar niet van, want Mexico kan niet op tegen de VS. Anders ligt het in het Midden-Oosten waar een aantal landen elkaar een minimale hoeveelheid water betwist. De Golan Hoogte levert 30% van de zoetwateraanvoer naar Israël. Wordt die ooit aan Syrië terug gegeven? Ik raad maar niet.
En dan de biodiversiteit. Ik weet dat er biologen zijn die niet zo inzitten over dat verlies aan biodiversiteit. Zijn immers niet meer dan 99% van alle dieren en planten die ooit op aarde hebben geleefd inmiddels alweer verdwenen? Het probleem is dat de snelheid waarmee soorten nu op aarde verdwijnen een factor duizend hoger ligt dan vroeger. Die snelheid neemt ook nog steeds toe. Er komt een moment dat de gevolgen moeilijk meer te schatten zijn, omdat de aarde nu eenmaal een vrij complex samenhangend ecosysteem is. Zoals Edmund Wilson schreef (ongeveer, ik kon het niet terugvinden): Het lijkt niet zo erg om 5 kilo te verliezen als volwassen mens, mits dat gebeurt door liposuctie, vetverwijdering. Als er willekeurig vijf kilo verwijderd wordt en daar kan ook je hart of je blaas bij zitten, wordt het minder vrijblijvend. Als onderzoeker ben ik van nature optimistisch en ik denk daarom dat het probleem van de oprakende aarde is op te lossen, mits politici ook bereid zijn om daar enige aandacht aan te besteden. Een complicatie is dat de Club van Rome in 1972 met een alarmerend rapport is gekomen, dat achteraf te pessimistisch is gebleken. Onderzoekers hebben één keer te vroeg gewaarschuwd voor de wolf en de politici denken nu dat die wolf niet komt, althans niet binnen de komende kabinetsperiode. In de grond had de Club van Rome echter gelijk. Alleen de tijdsperiode waarin de aarde opraakt hadden zij te kort geschat.
Bezuinigen komt altijd slecht uit. Duurzaamheid is duur en politici kunnen nu al de begroting niet sluitend krijgen. Daar komt bij dat de mens bijgelovig en kortzichtig is. Er zijn hopeloos veel mensen die denken dat er een God is die zal zorgen dat alle monden gevuld worden en de centrale verwarming blijft branden. Met het vermogen om te denken kregen wij in de evolutie het talent voor ontkenning gratis bijgeleverd.
Het politieke landschap is ook vol paradoxen: De milieubeweging, de kleine minderheid die bereid is om krachtig in duurzaamheid te investeren, is vaak tegen compromissen die politiek haalbaar zijn. Zo'n 25 jaar geleden heb ik een keer een wetenschappelijke dag voorgezeten waarin voor- en tegenstanders van kernenergie op universitair niveau de discussie aangingen (Biologie en Kernenergie, Van Gennip, 1980). Ik was als neutrale buitenstaander gevraagd om de kemphanen uit elkaar te houden en ik had ook echt geen oordeel toen ik aan de dag begon. Aan het eind van de dag was ik echter overtuigd door de argumenten van de voorstanders. Ik ken de tegenargumenten, maar ik denk nog steeds dat kernenergie voor elektriciteitsopwekking het minste kwaad is en de enige politiek haalbare oplossing. Wat Nederlandse deskundigen voorstellen om onze energiehuishouding duurzamer te maken is te vinden in een advies van 6 december j.l. (http://www.algemene-energieraad.nl/).
Blijft er nog iets over voor de kleinkinderen, zelfs als wij er vanuit gaan dat de kleinkinderen van Chinezen en Indiërs evenveel recht hebben op welvaart als de onze? Ik ben optimistisch over de kracht van de wetenschap om het probleem van de oprakende aarde te analyseren en uitvoerbare oplossingen te bedenken. Waar het op zal hangen is de politiek, het vermogen om onplezierige waarheden onder ogen te zien en niet te vluchten in ontkenning en bijgeloof. De Amerikaanse presidentsverkiezingen waren een eerste test en die is niet goed uitgepakt.
Op dit artikel rust auteursrecht van NRC Handelsblad BV (c), respectievelijk van de oorspronkelijke auteur.